Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

The touch

There are days when the body forgets it is a body. It moves, it functions, it answers its name, but somewhere beneath the surface it drifts— a house with the lights on, quietly empty. The touch brings it back. Not the kind that asks for meaning or leans toward a future it wants to claim. This touch carries no expectation. It arrives the way warmth reaches cold skin, without questions. Skin knows what words refuse to hold. It recognizes the weight of another presence, the simple proof of not being alone. A hand resting where it is allowed to rest. Arms forming a shape in which breathing becomes easier. There is something profoundly human about being held when you no longer know how to gather yourself. Nothing needs to be solved. Nothing needs to be named. Two bodies simply agreeing to remain. The warmth does not perform. It does not shimmer. It settles. It tells the watchful parts of you that they may loosen their grip. And when that touch is gone— when you return to the quiet edge of y...
Recente posts

Eindejaarsbiecht

Het afgelopen jaar bracht mij inzichten. Niet het soort inzichten dat je netjes kan noteren in een schriftje, maar inzichten die confronteren, ontregelen en iets afbreken waarvan je dacht dat het je had gevormd — terwijl het je eigenlijk had misvormd. Inzichten zijn welkom, zegt men. Wat men er zelden bij zegt, is dat ze vaak gepaard gaan met rouw. Ik heb dit jaar beslist dat ambitie voor mij geen richting meer is. Doelen wel, maar ambitie als opstijgen, als jezelf voorbijlopen, als hoger, sneller, scherper: ik ben daar niet voor gemaakt. Of misschien beter: ik ben daar niet meer toe bereid. Ik heb lang geloofd dat intellectuele bevrediging een vorm van geluk kon zijn. Altijd maar denken, analyseren, verdiepen, verfijnen. Het heeft mij veel geleerd, maar geen rust gebracht. Wat mij wél iets bracht, was de ontmoeting met leerlingen en studenten. Mensen die mij lieten zien — soms woordeloos, soms expliciet — dat ik iets kan doorgeven. Dat ik iemand ben die (aan)leert, begeleidt, openz...

De onvoltooide man

Drie jaar lang stond ik naast iemand, die tegelijk man was en jongen — en die beide gestalten voortdurend in elkaar lieten overlopen, alsof zijn binnenwereld nog niet had beslist welke leeftijd hij werkelijk wilde zijn. In het begin zag ik daarin iets ontwapenends: een soort lichtheid, een levenskracht, dat vonkje dat je vaker ziet bij mensen die nog geloven dat het leven zou kunnen beginnen zodra ze eraan toe zijn. Tot ik las over wat Marie-Louise von Franz beschrijft als de puer aeternus : de eeuwige jongen die weigert af te dalen in de concrete wereld. Die opgroeit in een fantasieruimte vol mogelijkheden, maar nooit de stap maakt naar verantwoordelijkheid, kiezen, gronden, wortelen. Niet uit koppigheid, maar uit angst. En toen viel hij ineens in dat kader. Niet als diagnose, maar als herkomst. Von Franz schrijft dat de puer leeft op plekken waar hij niet hoeft te blijven. In ideeën, in dromen, in verhalen die altijd nét voor hun realiteit stoppen. Hij blijft zweven boven de aard...

Hecht

De dans van de empaat en de vermijdende Er bestaat een oude dans, gedanst zonder muziek. Een choreografie van aantrekken en afstoten, van hunkering en terugtrekken. De empaat reikt uit: met warmte, met aanwezigheid, met woorden die bruggen willen slaan. De vermijdende wijkt: niet uit onwil, maar uit een oeroud reflex, een innerlijk alarmsysteem dat fluistert dat nabijheid gevaarlijk is. Zo ontstaat de push en pull, de chase en run. De empaat gelooft dat meer geven misschien het verschil kan maken. De vermijdende voelt dat als druk, en trekt zich nog verder terug. Het spel houdt zichzelf in stand zolang de empaat blijft terugkeren. Het keerpunt Op een dag stopt de empaat met terugkomen. Niet uit kilte, maar uit wijsheid. Daar, in de stilte die volgt, beseft de vermijdende: deze keer komt er niemand meer achter mij aan. Het is alsof iemand op de rand van een klif staat en merkt dat de ander eindelijk de veiligheid van de vlakte heeft gekozen, in plaats van steeds dichter bij de afgr...

Trauma en relaties

Waarom je altijd valt op de verkeerde partner (en hoe trauma je liefdesleven saboteert) Ben je gewend aan afwijzing? Dan voelt liefde als een schimmige black box vol misverstanden. Je denkt dat je iemand hebt gevonden die je ziet, hoort, begrijpt—maar voor je het weet, voel je je alweer aangetrokken tot een "Emotioneel Onbereikbare".  Waarom? Omdat trauma je brein subtiel heeft gehackt. Een jeugd waarin je emoties als ‘te veel’ werden bestempeld, waarin kwetsbaarheid niet veilig voelde en je vooral leerde dat je niet moest rekenen op liefdevolle consistentie, heeft je voorkeuren geprogrammeerd. Je bent niet op zoek naar liefde; je bent op zoek naar (h)erkenning. En als wat je kent afwijzing, onvoorspelbaarheid en emotionele honger is, voelt een stabiele, aanwezige partner gewoon… raar. Broodkruimels smaken als een feestmaal Als kind leerde je overleven met emotionele broodkruimels. Een half compliment, een kort moment van aandacht? Je sprong erop als een uitgehongerde str...

Grenzen

Grenzen. We spreken erover, we leren ze kennen, maar hoe vaak worden ze echt gerespecteerd? Zeker in omgevingen waar machtsverhoudingen een rol spelen, zoals in het hoger onderwijs, en meer specifiek in kunstopleidingen, komen grenzen vaak onder druk te staan. Dit is een ruimte waar creativiteit en expressie centraal staan, maar ook waar grensoverschrijdend gedrag zich kan verbergen achter een façade van “vrijheid” of “traditie”. Maar laten we één ding duidelijk maken: grensoverschrijdend gedrag is onaanvaardbaar. We worden vaak opgevoed met het idee van tolerantie. Dat je begrip moet hebben voor anderen, hun fouten, hun tekortkomingen. Maar tot hoever reikt die tolerantie? Het is geen enkele student of medewerker verplicht om gedrag te tolereren dat hen onveilig doet voelen. Het probleem begint wanneer iemand jouw grenzen opzoekt, negeert of overschrijdt – en wanneer dat gedrag vervolgens wordt gebagatelliseerd of zelfs genormaliseerd door de instelling waarin het gebeurt. Gaslight...

Biecht

Als jong kind groeide ik op in een omgeving die op het eerste gezicht misschien veilig leek, maar die in werkelijkheid doordrenkt was van subtiele vormen van manipulatie en emotionele verwaarlozing. Mijn ouders waren niet de stereotypische tirannen. Ze waren eerder afwezig en gefocust op hun eigen worstelingen. Ik werd vaak aan mijn lot overgelaten, zowel fysiek als emotioneel. De visie van anderen speelde een enorme rol in mijn ontwikkeling. Als kind zoek je naar goedkeuring en richting, en ik was geen uitzondering. Omdat mijn ouders die rol niet vervulden, wendde ik me tot leraren, vrienden en zelfs media om te begrijpen hoe ik moest zijn en wat ik moest doen. Dit maakte me uiterst gevoelig voor maatschappelijke trends en de opinies van anderen. Ik paste me aan zoals een kameleon, steeds zoekend naar een identiteit die acceptatie zou brengen. Maatschappelijke trends beïnvloedden me diepgaand. Ik herinner me bijvoorbeeld hoe de drang naar perfectie en succes, die in de samenleving zo ...